Brachyrhaphis roswithae
MEYER & ETZEL, 1998
Brachyrhaphis roswithae ♀
Brachyrhaphis roswithae ♂ & ♀
landkaart
Tekst
Kees de Jong
Foto's
Leo van der Meer
Geplaatst
4 september 2019
Nederlandse naam
Niet aanwezig.
Grootte
Mannetjes 5 en vrouwtjes tot 7 cm. Meestal iets kleiner.
Temperatuur
Rond de 24°C. Zowel een ondertemperatuur van 18° als een maximum van 28°C worden tijdelijk verdragen.
Verspreiding
Deze Brachyrhaphis is afkomstig uit Panama. De verspreiding is beperkt tot het gebied ten westen van de kanaalzone. De oostelijke en westelijke grens van dit gebied worden bepaald door de provincie Coclé. De soort leeft hier in snelstromende beekjes samen met Poecilia cf gillii , karperzalmpjes en meervallen.
Bijzonderheden
Een slanke levendbarende tandkarper met de voor het genus Brachyrhaphis kenmerkende zwarte en geelwitte streep in de aarsvin. Het korte gonopodium van het mannetje valt door deze tekening erg op. De vrouwtjes hebben een kleine donkere drachtigheidsvlek. De ogen zijn blauw. Naast een donkere band bevinden zich ook drie tot vijf uit roodbruine punten bestaande strepen op het lichaam. De rug en staartvin zijn rood. In tegenstelling tot veel andere Brachyrhaphis soorten is B. roswithae een rustige vriendelijke vis die het beste in een schooltje tot haar recht komt. Van het agressieve gedrag dat de forsere soorten met een brede rugvin zoals B. olomina en B. terrabensis aanwezig is, is geen sprake. Samenhouden met andere vissen is dan ook goed mogelijk. B. roswithae bewoont de bovenste waterlagen. De soort leeft in stromend water. Enige stroming en schoon water is in het aquarium noodzakelijk. 
Kweek
De kweek is eenvoudig. Als er voldoende schuilplaatsen aan het wateroppervlak aanwezig zijn, ontsnappen er altijd een aantal jongen aan de ouderdieren en breidt de groep zich vanzelf uit. De pasgeboren jongen vallen op door de zwarte streep in hun aarsvin, een rode rugvin en hun blauwe oog. Hierdoor zijn ze eenvoudig te onderscheiden van eventuele andere jonge vissen in hetzelfde aquarium. Het is wel van belang om de jongen gericht te voeren door bijvoorbeeld artemia nauplien of ander klein voer in hun nabijheid aan te bieden. Een vrouwtje kan in een worp tot 30 jongen krijgen.
Voedsel
De volwassen vissen zijn alleseters en droogvoer kan een onderdeel van het menu vormen. Ze hebben echter een voorkeur voor (diepvries) rode en witte muggenlarven.
Overig
B. roswithae is een aantrekkelijk en eenvoudig te houden levendbarende tandkarper. Het is jammer dat de soort de laatste jaren niet of nauwelijks meer wordt gehouden en uit de aquaria verdwenen lijkt te zijn.

© 2018-2019 Poecilia.nl All Rights Reserved. Webmaster Marco Goeman
nlenfrdept
Don't have an account yet? Register Now!

Sign in to your account